Wanneer ik haar op kom halen (in mijn functie als mantelzorgtaximoeder) staat ze in de badkamer in een mooie paarse jurk. Mijn prachtige volwassen dochter die zo’n enorm kronkelig pad bewandeld heeft de afgelopen tien jaar, maar ook in haar pubertijd en in haar jeugd. We praten wat en als het tijd is vertrekken we voor een rit in het donker, tijdens spits, in een extreme regenbui. In de auto wisselen serieuze gesprekken en grapjes elkaar af, we praten elkaar kort bij over dingen in onze beider levens. Natuurlijk gaat het overwegend over haar leven, per slot van rekening speelt daar het meest, er zijn enorme veranderingen gaande. Diverse trajecten die lopen, diverse ondersteuning door een team van geweldige begeleiders en hulpverleners.
Ik maak een grapje over hoe veel ik wel niet van haar moet houden om haar met dit bizarre weer weg te brengen, even passeert de grote afwezige in haar leven (haar vader waar ik later ook nog over zal schrijven). Met een cynische ondertoon meld ik dat ik gelukkig ruimschoots compenseer voor zijn afwezigheid.
Ons gesprek leidt ons naar een onderwerp dat voor mij als moeder gevoelig is maar ik absoluut niet uit de weg ga. Haar wens om als het echt niet meer gaat euthanasie te kunnen plegen. We praten over het onbegrip bij sommige mensen die hierover horen, mensen kunnen zo kortzichtig zijn en totaal blind voor de enorme pijnen waarmee anderen moeten zien te leven.
We praten ook over haar andere wens, die lijnrecht tegenover deze staat. De wens om moeder te mogen te worden, om een kind te mogen dragen en baren. Ik hoor verbijsterd aan hoe een hulpverlener heeft durven zeggen dat ‘sommige wensen misschien gewoon losgelaten moeten worden’ toen mijn dochter haar wens voor moederschap deelde.
Natuurlijk zal het een enorme uitdaging worden vanwege haar fysieke beperking, en haar stukje autisme zal er ook invloed op hebben. Maar gezonde mensen moeten niet menen te mogen bepalen voor een ander of zij wel of niet aan ouderschap zouden mogen beginnen. Als moeder gaat mijn bloed daarvan koken.
We praten over de verantwoordelijkheid van ouderschap en hoe deze zich verhoudt tot haar wens om vrij te mogen zijn om te kiezen voor euthanasie.
Vanaf een afstand zie ik hoe ontzettend mooi en bijzonder het is dat wij als moeder en dochter dit gesprek over leven en dood, en over regie op eigen leven voeren, kunnen hebben. Vanzelfsprekend zou ik het liefst zien dat mijn dochter een lang en gelukkig leven mag leiden, maar als haar lijden voor haar te zwaar wordt dan steun ik haar in haar zelfbeschikkingsrecht. We hebben samen wel een afspraak gemaakt, als ze besluit dat ze niet meer verder wil dan geeft ze haar dierbaren de kans om afscheid te nemen, en gunt ze zichzelf de warmte en steun van haar dierbaren die haar in dit proces begeleiden en steunen. Met heel mijn hart hoop ik dat dit moment nooit zal passeren maar mocht het wel zo zijn dan zal ik er ook dan voor haar zijn. Want ook dát is moederliefde.