Toen ik opgroeide was Valentijnsdag geen groots iets, het was nog niet ‘ontdekt’ door de marketing experts die van alles proberen een verdienmodel te maken.
Voor mij was het wél een groots iets, het was mijn verjaardag. In een klein gezin dat weinig te besteden had werd dat liefdevol gevierd, bezoek op mijn verjaardag was een dingetje herinner ik mij. Er zijn namelijk nogal wat keren geweest dat 14 Februari een dag met veel weer ellende was, met als resultaat dat familie die van ver kwamen niet konden komen en familie die dichtbij woonde ook niet altijd want….wij woonden aan een dijk. En dat kon levensgevaarlijk zijn om te proberen het huchie af te gaan (de weg van de dijk naar beneden),want die was spekglad. Soms moesten bezoekers hun auto aan de dijk parkeren (dat mocht toen nog wel), maar er kwam dus altijd weinig bezoek en toch voelde ik mij altijd speciaal op die ene dag.
Later vertelde mijn moeder mij dat Valentijnsdag voor mijn vader en haar wel bijzonder was, ik was op die dag geboren! Ik, hun liefdesbaby. Die eigenlijk een ‘ongelukje’ was want het condoom dat ze gebruikt hadden had blijkbaar een scheurtje. Echter toen ze wisten dat mijn moeder zwanger was is er geen moment twijfel geweest, deze baby zou er komen!
Ondanks de vele tegenwerkende krachten die in het spel waren, en die hebben zwaar hun best gedaan om het samenzijn van mijn vader en moeder tegen te werken.
Ik weet niet de exacte toedracht maar toen bekend was dat ik op komst was moest er getrouwd worden. Aan mijn moeders kant werd de vraag om te mogen trouwen (mijn moeder was al wel 18) beantwoord met boosheid en afwijzing. Mijn moeders stiefvader toog zelfs naar de kerk om vervolgens samen met de predikant mijn vader geld te bieden om te verdwijnen uit het leven van mijn moeder.
Hoe anders dan waren de ouders van mijn vader, zij hoorden van de weerstand en afwijzing, zij hoorden van de zwangerschap, zij leefden in een klein arbeidswoninkje maar stelden direct hun huis open. Mijn ouders mochten op een kamer wonen in hun huis wonen, ongeacht de duur, en zij zouden helpen om woonruimte te vinden. In het huis van mijn oma ben ik geboren, het moet geen gemakkelijke tijd zijn geweest voor mijn ouders en grootouders om samen te leven. Mijn oma was een dominante regeltante, mijn opa een gezellige vakbondsman die graag volk over de vloer had en anders de hort op was om mensen te helpen. Mijn vader was een verwende jonge man die geen idee had van de uitdagingen waar hij voor kwam te staan, mijn moeder was een beschadigde jonge vrouw met trauma en driftbuien. En toch vonden ze hun weg, werd ik geboren en verwelkomd in een liefdevol warm huis.
Mijn opa (die helaas overleden is toen ik 2 was dus nooit heb gekend) wist van een mooi dijkhuis waar een weduwe woonde. Dat huis hebben mijn ouders gekocht, er moest alleen vreselijk veel geklust worden. Het huis staat aan één kant vast aan dat van de buren, de buitenste muur die het zwaar te verduren heeft met wind en regen, was in zeer slechte staat en de volledige muur is vervangen. Door mijn opa, buren die kwamen helpen en mijn ouders. Een jaar lang werd vrijwel elke avond en alle weekenden aan het huis gebouwd en verbouwd, in die tijd zorgde mijn oma voor mij en kort voor kerst (dus ik was 10 maanden) konden mijn ouders hun intrek nemen in het dijkhuisje dat mijn thuis werd. Waar ik buiten speelde, buiten droomde, buiten dwaalde. Ik had wel een paar vriendinnen maar ik was best wel een einzelgänger die op haar zelf was.
En elk jaar op Valentijnsdag was ik jarig. Vaak kreeg ik te horen dat ik ‘dan wel veel kaarten zou krijgen op mijn verjaardag’, ik heb één Valentijnskaart gekregen. Ik wist direct van wie maar dat werd keihard ontkend, dat heeft hij jarenlang volgehouden om vervolgens schaterlachend toe te geven dat de kaart van hem kwam….mijn broertje ;-)
De laatste jaren krijg ik trouw een kaart van mijn moeder, soms met een kleinigheidje als chocolatjes of bosje rozen. En elk jaar lijkt ze meer dan het jaar ervoor te benadrukken dat ik de liefdesbaby van haar en mijn vader ben. Wat ik begrijp, want inmiddels moeten we hem al bijna 13 jaar missen. De afstand maakt dat het voor haar niet gemakkelijk is mij te bezoeken op mijn verjaardag en ik moet eerlijk bekennen dat ik op de dag zelf er zelden veel mee doe. Ik vier mijn verjaardag heus wel, dat weten enkele vrienden hier wel, eens per paar jaar dan nodig ik wat vrienden uit en geniet ik van de aandacht en gezelligheid die zij met zich meebrengen.
Een andere reden dat ik ernaar neig om weinig aandacht aan mijn verjaardag te besteden is het feit dat ik 29 jaar geleden met een pasgeboren jongetje het ziekenhuis verliet, door mijn toenmalige partner naar huis gereden zonder een greintje empathie voor de fysieke pijn die ik had en eenmaal thuis ik met waanzinnig veel pijn de trap op strompelde, waar ik halverwege de trap heb zitten huilen van de pijn omdat ik niet meer wist hoe ik verder moest. De endorfine van de bevalling was overduidelijk uitgewerkt en het resultaat van de totaal verkeerde bevalling (binnen 3 uur met een flinke elleboogstoot mijn 4400 gram wegend kind uit mijn baarmoeder werd geduwd door de gynaecoloog die geen greintje begrip voor bekkeninstabiliteit had, waardoor mijn instabiele bekken dat met 42,5 week zwangerschap al teveel te verstouwen had gehad volledig uit elkaar geduwd werd) was voelbaar geworden.
Mijn verjaardag toen was het begin van vele jaren met extreem veel pijn en veel verliezen. Wekenlang heb ik op bed doorgebracht, verdrietig, eenzaam, verward. Maar dan was daar dat mannetje dat mij met zijn donkere ogen aankeek en dan wist ik…..ik moest een weg zien te vinden uit dit zwarte gat. Mijn dochter die destijds voortdurend boos op me was, met 18 maanden kon zij niet begrijpen dat haar mama een beperking had waardoor ze niet meer de dingen kon doen die zij in de maanden daarvoor wel meegemaakt had. Haar optillen, knuffelen, stoeien, rennen…al die dingen die je met een gezond lichaam kunt doen als ouder zijnde. Ik was dat in korte tijd volledig kwijtgeraakt, twee maanden voor de bevalling kreeg ik acute heftige bekkeninstabiliteit. Iets wat in die tijd gezien werd als modeverschijnsel, afgedaan werd als onzin en aanstelleritis.
De weken die ik op dat zolderkamertje heb doorgebracht, alleen met mijn mannetje en zijn donkere ogen, die hebben iets dieps in mij geraakt. Hij en ik waren volledig afhankelijk van elkaar, hij omdat hij mijn zorg en voeding nodig had, ik omdat ik hem als houvast nodig had. Daar waar zijn zus extreem veel huilde als baby was hij een stille baby. Hij was heel snel tevreden als hij maar dichtbij mij kon zijn. Die weken in dat bed, waar ik ontelbare uren alleen heb doorgebracht terwijl het bezoek ‘gezellig beneden zat’ met ex man, hij aan het werk was, of bezig met hobby, of op stap met vrienden. Die weken waar familie en vrienden maar niet begrepen waarom ik niet ‘gewoon naar beneden kwam’ en blind waren voor de fysieke beperking en hoe dit mij isoleerde.
Ik heb diverse vormen van eenzaamheid in mijn leven meegemaakt, dit is één van de zwaarste geweest. Nooit eerder werd ik zo keihard teruggeworpen op mijzelf, ik had mijn gedachten en die maakten me soms gek maar hebben ook deuren geopend die een zaadje van zelfbewustzijn wisten te creëren. Dat zaadje heeft me gered, het stelde me in staat om te groeien, om de relativiteit van sommige dingen in te gaan zien (de druk van omgeving en maatschappij om te moeten presteren). Ik veranderde, mijn omgeving zag dat niet. Die zagen alleen maar een jonge moeder die deed alsof ze iets mankeerde. Mentaal moest ik zien te overleven en die strijd wist ik te voeren door met mijzelf in dialoog te gaan. In die tijd schreef ik nog niet, ik kan me nu niet meer herinneren hoe ik dat deed destijds maar ik wist een weg te vinden om met mijzelf in gesprek te gaan en dat leidde tot veranderende inzichten.
De jaren daarna was mijn verjaardag onbewust vaak ook een pijnlijke herinnering, iets dat ik nu voor het eerst uitspreek. Het is de pijn die vooraf gegaan is aan groei, ik zou niet meer terug willen naar wie ik toen was. De groei, met alle groeipijnen die daaraan gekoppeld zijn, heeft mij gevormd tot wie ik nu ben.
En nu, in de vroege uurtjes van mijn verjaardag kijk ik terug. Naar waar ik vandaan kom, hoe ik hier gekomen ben. Vanavond waren we naar mijn zoon om zijn verjaardag te vieren, het blijft moeilijk navigeren om een weg te vinden met een dierbare die in gebruik is. Al is het nu een beer van een vent die 29 geworden is, ik zie nog altijd die donkere oogjes die mij hebben gered destijds. Er is een verbinding tussen ons die voorbij de moeder-zoon relatie gaat.
Morgen/straks mag het mijn dag zijn. Ik ga ‘gewoon’ naar mijn vrijdag cliënte om haar te helpen met haar huishouden. Natuurlijk neem ik wel gebakjes mee.
En morgenavond gaan lief en ik uit eten, geen verjaardag met bezoek maar een moment van samen verbinden in en vanuit liefde. Dát is hoe ik mijn Valentijnsdag ga invullen.