Verdwaald in een emotieloos landschap. Ik voel mij vervagen tot ik opga in de omgeving. Mijn kleuren verliezen aan kracht, mijn kracht verliest de sprankeling. Er is een storm, ik sluit deuren en ramen en negeer het harde bonken dat mijn huisje omver probeert te blazen. Er is een kilte, ik duik diep weg onder dikke lagen warmte en negeer de koude die mijn hart probeert te bevriezen. Er is… Zo weinig nog. Ik wil de strijd van de ander niet voeren, ik wil de strijd ook niet voor de ander voeren. Ook wil ik niet aan de zijlijn staan om te zien hoe de strijder passief toestaat dat de tegenpartij scoort. Ik wil weglopen, me simpelweg omdraaien en losmaken van dit element dat mijn leven verwoest.
Dat element dat mijn eigen vlees en bloed is, dat ooit als klein ventje op mijn buik in slaap viel, dat zich nergens zo veilig voelde als bij mij. Geen enkele ouder voorziet dat dat kleine mensje een leven vol verwoesting zal aangaan, ook ik droomde andere toekomsten voor mijn kleine manneke. Die ik soms zo moeilijk kan terugvinden in die grote man van nu, die alles in zichzelf stuk maakt, die alles om zich heen kapot maakt.
in gedachten draai ik om en loop weg, in het echte leven ben ik aanwezig, meer passief dan actief, niet aan de zijlijn maar ver ver buiten het speelveld heb ik mijzelf gepositioneerd en ik wacht. Ik sla gade, ik kijk toe maar ik neem geen deel.